Recensie: The Grandmaster
12 mei 2013, 17:56 | Jeroen
De oorspronkelijke titel van de biopic over Ip Man was het meervoud van de huidige keuze The Grandmaster. Het vrij los opgebouwde verhaal draait dan ook om de interacties tussen vier mogelijke grootmeesters in verschillende stromingen van kungfu: Ip Man, Gong Er, Ma San en Yixiantian (ook wel “Scheermes” genoemd).
Het rustige leven van de in welvaart opgegroeide Ip Man is gewijd aan de studie van kungfu, wanneer het op zijn veertigste een wending neemt. Gong Yutian, de leider van de vechtkunstscholen in China wijst hem aan als nieuwe leider, en slaat daarbij zijn eigen favoriete leerling Ma San en dochter Gong Er over.
De overdracht speelt zich af vlak voordat Japan China voor een groot deel onder de voet loopt. Deze historische gebeurtenis tezamen met de overdracht vormen de aanzet voor de ontwikkelingen in de film. In los gefilmde, door voice-over en tussentitels aan elkaar verbonden episodes wordt ons getoond hoe Ma San zich voegt bij de Japanse marionettenregering en zijn oude meester Gong Yutian verraadt; hoe Gong Er tegen de wil van haar vader besluit om wraak te nemen op Ma San; hoe Ip Man zijn familie verliest aan voedselgebrek tijdens de Japanse bezetting en naar Hong Kong trekt waar hij les begint te geven in Wing Chun, zijn stroming binnen kungfu. De vier meesters trekken van het ene spectaculair gefilmde en gechoreografeerde gevecht naar het andere, terwijl ze zich aanpassen aan de veranderende tijden.
Gong Er troeft Ip man af
De meest volledig uitgewerkte verhaallijn is die van Gong Er en haar zoektocht naar wraak op Ma San. Haar personage maakt ook de meest duidelijke karakterontwikkeling door, ze is een klassiek tragisch type en heeft als enige interactie met alle drie de andere meesters. Ip Man lijkt als personage dan ook het onderspit te delven tegenover haar. Het is opmerkelijk dat het op waarheid gebaseerde personage Ip Man het moet afleggen tegen het volledig fictieve personage Gong Er in een film die een biopic over de eerste leek te zijn. Maar het personage maakt dan ook totaal geen ontwikkeling door: van begin tot eind is hij de stoďcijnse modelgrootmeester.
Wong Kar Wai is na Ang Lee (Crouching Tiger, Hidden Dragon) en Zhang Yimou (Hero, The House of Flying Daggers, e.a.) de derde gevierde filmhuisregisseur uit het Chinese cultuurgebied die een kungfufilm maakt. Net als de andere twee houdt hij daarbij vast aan een onderscheidende, eigen stijl. De visuele flair van zijn eerdere films komt misschien wel beter tot zijn recht in the Grandmaster dan in zijn eerdere films, hoewel het in de sf-sfeer van 2046 ook uitstekend paste. Maar Wong Kar Wai houdt ook vast aan de losse, onnadrukkelijke vertelstijl van zijn eerdere films. Veel verbanden en relaties, zoals de driehoeksverhouding tussen Ip Man, Gong Er en Yiaxiantian, worden nooit expliciet duidelijk gemaakt.
Een erecode en een sterrencast
Verder volgt Wong Kar Wai zijn voorgangers door, naast de prachtig gestileerde gevechten, een erecode en houding centraal te stellen. Wie het beste deze erecode kan volgen, is de beste vechter. Ip Man mag zich bijvoorbeeld bewijzen als de opvolger van Gong Yutian door hem te verslaan in een duel, maar dit duel betreft geen gewoon gevecht. Gong Yutian daagt Ip Man uit om een koek die hij vasthoudt te breken. Buiten de oppervlakkige uitdaging is dit ook een intellectuele test, want de koek staat symbool voor China. Pas als Ip Man zich op beide vlakken bewezen heeft, kan hij geaccepteerd worden als de nieuwe leider.
Wong Kar Wai heeft een sterrencast verzameld voor zijn eerste kungfufilm. Naast Tony Leung met wie hij al zes keer samenwerkte, zijn grote Chinese sterren als Ziyi Zhang en Zhao Benshan te bewonderen. Dat zijn dus de George Clooney en Angelina Jolie en de grootste komiek van China samen in een veel. Op het acteerwerk is dan ook niets aan te werken. Tony Leung is vertrouwd goed, en Ziyi Zhang belichaamt de transformatie, die haar personage tijdens de film doormaakt, uitstekend.
Visueel werkt het
Ik keek erg uit naar de eerste kungfufilm van Wong Kar Wai. Enkele van zijn eerdere films behoren tot mijn favoriete, en zijn visuele stijl leek me uitermate geschikt voor het genre. En dat laatste blijkt zeker te kloppen. De manier van filmen is misschien overdadig en barok, maar de vechtscčnes zijn echt adembenemend, van de bloeddruppel in de regenplas tot het sparren met sneeuw. Een ander onderdeel van de stijl van Wong Kar Wai, zijn onnadrukkelijke manier van vertellen, leidt ertoe dat je dagen na het zien van de film de stukjes nog steeds in elkaar aan het passen bent. De verbanden en relaties tussen de verschillende verhaallijnen en personages worden consequent niet expliciet gemaakt, op het frustrerende af. Maar wie gaat naar een kungfufilm voor het verhaal?